‘Dat is het domste wat ik ooit heb gehoord. Laten we het doen.’ Dat laatste zeg ik met een lichte aarzeling.
‘Er zijn duidelijk heel veel mensen die dit niet dom vinden, gezien de populariteit,’ reageert mijn beste vriendin. ‘Ik zie elke minuut wel iemand naar beneden springen.’
We kijken naar de persoon die net een duikvlucht heeft genomen en met een plons contact maakt met de zee. Vervolgens bouncet hij weer naar boven.
‘Hels,’ is het enige wat ik kan uitbrengen.
‘Eens, maar we gaan het wel doen. Dit weekend is bedoeld om eens volledig buiten onze comfort zone te treden. Dit is de perfecte manier.’
Daar heeft ze een punt. We zouden inderdaad ons niet zo spectaculaire leven, super spectaculair maken dit weekend. Als notaris slijt ik ruim veertig uur op kantoor met een hoop duffe cijfertjes en bij mijn bestie is het niet veel beter. Als advocaat zit die alleen maar in de rechtbank. Ja, we krijgen elke maand een smak geld op onze rekening gestort, maar er is geen tijd meer over om het over de balk te smijten. Dit weekend doen we het anders en tot nu toe lukt dat best aardig. We hebben een extra luxe kamer in het Kürhaus met sauna, hebben bij het Circustheater het meest complete theaterarrangement gereserveerd, bestellen de duurste drankjes op de terrasjes, hebben gisteren gênant veel geld uitgegeven bij de hippe kledingboetiekjes, zijn tot de vroege uurtjes wezen stappen bij de Crazy Piano’s en we hebben nog een full body massage gepland staan voor morgenmiddag. Scheveningen past wel bij onze nieuwe leefstijl. Bungeejumpen van de pier daarentegen…
‘We kunnen ook een tattoo nemen,’ opper ik.
‘Daar zit je de rest van je leven aan vast.’
‘Als ik van die pier spring, dan is er geen rest van mijn leven meer,’ reageer ik melodramatisch. ‘We kunnen ook in het reuzenrad.’
‘Dat is saai. Dit weekend doen we niet aan saai.’ Ze steekt haar arm door die van mij. ‘Kom op, wij kunnen dit!’
Een uur later…
Oké, dit kan ik echt niet!
‘Niet denken gewoon springen,’ zegt de bungeemedewerker. ‘Laat je vallen en spreid je armen zoals een vogel zijn vleugels spreid. Dan kan er helemaal niets gebeuren.’
Niets gebeuren? Voor zover ik het kan beoordelen kan er van alles gebeuren. Ik kijk nogmaals naar beneden. Dom idee. Het begint me gelijk te duizelen. Waarom heb ik gezegd dat we dit gewoon moesten doen?
‘Dame, vandaag zou leuk zijn. Ik snap dat het spannend is, maar als je niet gaat, dan kan ik je altijd weer losmaken.’
Me losmaken? No way! Ook al weet ik zeker dat ik over een minuut dood ben, ik ga niet terug. Daarvoor ben ik te trots. Langzaam spreid ik mijn armen en doe mijn ogen dicht. Vooral dat laatste lijkt me redelijk belangrijk. Elk weldenkend mens die in dit geval zijn ogen open houdt zou niet springen. In mijn hoofd tel ik af van drie tot nul en dan opeens heb ik geen vaste grond meer onder mijn voeten. Ik spreid mijn armen en wil mezelf laten vliegen als een vogel. Al snel kom ik tot de conclusie dat ik geen vogel ben. Ik ben een mens. Een mens vliegt niet, een mens valt. Hard en snel. Oh mijn God…
Dit was echt een héél dom IDEE!
Paniek neemt het van me over. Mijn hoofd trekt dit niet. De rest van mijn lijf trouwens ook niet. Mijn maag is boven achtergebleven, samen met de rest van mijn organen. Dat kan niet gezond zijn.
Ik
Ga
Dood!
Mijn stembanden zijn nog wel aanwezig trouwens en die werken boven verwachting goed. Hysterisch zelfs. In zowel Engeland als Duitsland kunnen ze horen dat ik aan het bungeejumpen ben en dat ik dat géén goed idee vind. Voor ik verder nog iets kan denken voel ik de nattigheid van de zoute zee in mijn haren en word ik door de zwaartekracht compleet uit elkaar gerukt. Ik voel me gelijk twintig centimeter langer. Op zich niet verkeerd met mijn 1,65 meter. Ik bounce met een rotvaart weer naar boven en dit herhaalt zich nog een paar keer. Ik wil dat het stopt. Niet lang daarna bungel ik hulpeloos boven de Noordzee, terwijl ik weer omhoog word getakeld. Langzaam begint de angst plaats te maken voor euforie. Ik heb het gewoon gedaan. Ik ben van de pier van Scheveningen gesprongen en ik heb het overleefd. Nu het voorbij is begint de adrenaline zijn werk te doen. Alles tintelt, mijn hele lijf staat op hoogspanning en ik krijg spontaan de slappe lach. Ik heb me nog nooit zo levend gevoeld. Het was echt het domste idee óóit, maar God wat ben ik blij dat ik het heb gedaan. Ik zal me nooit meer saai voelen, want ik ben gewoon van de pier gesprongen.
Maar tegelijkertijd weet ik ook zeker: DIT NOOIT MEER.
Ontdek meer van Emma van Zweden
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
Plaats een reactie